Ik hoorde een predikant eens zeggen: Geef je je in de wereld over, dan is dat een nederlaag; maar in Gods wereld betekent overgave overwinning.
Ron Suden luisterde geïnteresseerd, terwijl de evangelist Bijbeltekst na Bijbeltekst noemde, om aan te tonen, dat de Tien Geboden van God ook vandaag nog gelden, en belangrijk zijn voor de mensheid.
“Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen; Ik ben niet gekomen om die af te schaffen, maar te vervullen. Want, voorwaar, Ik zeg u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota of één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles zal gebeurd zijn.” Mattheüs 5: 17 – 18.
Even leefde Ron op bij de gedachte, God te zullen volgen. Iets diep binnen in hem hunkerde naar een relatie met de Schepper van het heelal. Vrede hebben, volkomen vrede: dat zou het hoogste kunnen zijn wat je kunt ervaren.
De vier weken die daarop volgden, dook deze jongeman dieper in de Bijbel. Hij ontdekte Bijbelgedeeltes, die voor die tijd duister voor hem waren, en die geen betekenis voor hem hadden. Hij kwam tot de slot-som, dat de wetten van God door mensen opzij waren geschoven; vooral het vierde gebod:
“Gedenk de sabbatdag, dat u die heiligt.” Exodus 20: 8.
Ron was rooms-katholiek opgevoed. Hij wist, dat de Rooms-katholieke Kerk zondag in plaats van Sabbat als dag van aanbidding had ingesteld. Dat werd in de Catechismus duidelijk uitgelegd. Om zeker te we-ten, dat eigenlijk zaterdag de Bijbelse Sabbat is, zocht hij het woord zaterdag in het woordenboek op: ‘zevende dag van de week’ las hij.
Hoe zou hij op zaterdag naar de kerk kunnen gaan? Hij hield van zijn werk als postbode. Het motto van de U.S. Postal Service beloofde: zelfs geen regen, ijzel of sneeuw kan de postbezorging stoppen. Hij had nog nooit gehoord van een postbode, die zaterdags vrij had gekregen. Wat moest hij doen?
Weken lang bad en worstelde Ron, dat God op de één of andere manier een wonder zou doen. Zijn vrouw en twee kleine kinderen waren van hem afhankelijk voor de aflossing van het huis en voor voedsel en kleding. Hij kon hen toch niet in de steek laten? Was armoede de beloning voor gehoorzaamheid?
Terwijl hij al worstelend op de knieën lag, kwam de gelijkenis van de schat in de akker in zijn gedachten. In het verhaal vindt een man, die blijkbaar de akker pacht, een schat die in de grond begraven lag. Hij verkoopt alles wat hij heeft, om die akker te kopen, zodat volgens de wet de schat hem toe zou komen. In Rons gedachten was de Sabbat die schat. Hij moest alles verkopen om die te kunnen behouden. Toch vroeg hij zich af: Zou God Zijn Woord gestand doen en Zijn kinderen te eten geven? Hoe kon God ervoor zorgen, dat zijn carrière bij de post “over de hoogten der aarde” zou laten rijden, zoals Hij beloofd had in Jesaja 58: 13 – 14?
“Indien gij niet over de sabbat heenloopt door uw zaken te doen op mijn heilige dag, maar de sabbat een verlustiging noemt, de heilige dag des Heren van gewicht, en die eert door noch uw gewone bezigheden te doen, noch uw zaken te behartigen, of ijdele taal uit te slaan, dan zult gij u verlustigen in de Here en Ik zal u doen rijden over de hoogten der aarde en u doen genieten het erfdeel van uw vader Jakob, want de mond des Heren heeft het gesproken.”
In geloof nam Ron een besluit, ging naar zijn chef, en vertelde hem, dat hij voortaan de Sabbat ging hou-den.
“Als je niet werkt op zaterdag, verlies je je baan”, was het bitse antwoord.
Ron zei niets, maar ging naar huis om te bidden. Op vrijdag zei hij tegen zijn baas, dat hij de volgende dag niet zou werken.
De baas antwoordde: “Suden, je weet, dat de post ook op zaterdag bezorgd moet worden. Je hebt dertien jaar lang trouw je werk gedaan. Waarom dwing je mij dan nu om je te ontslaan?”
Een harde stomp in zijn gezicht had niet meer pijn kunnen doen.
Die avond kon Ron het eten niet door zijn keel krijgen. In plaats daarvan zat hij stilletjes voor zich uit te kijken. Hun huis was ruim en was goed gebouwd. De drie jaar oude Jenny zat op het vloerkleed en kleed-de een pop aan. En de baby sliep vredig in de wandelwagen. Hun kinderen hadden altijd eten, kleren en speelgoed gehad. Wat zou er van hen worden, wanneer de aflossingen voor het huis niet meer konden worden betaald? Wat moesten ze doen, als het langer dan een maand zou duren om weer werk te vinden?
Zijn vrouw zei tegen hem: “Schat, we zitten samen in hetzelfde schuitje. Het zal goed komen. Ik sta he-lemaal achter je.”
Ron haalde een Bijbeltekst aan: “Het geloof is een bewijs van de zaken die men niet ziet”, zei: “Ik weet nu hoe een blinde zich moet voelen. Hoe kun je vooruit lopen, als je voor je alleen maar duisternis ziet?”
De drie weken daarna gebruikte Ron zijn vakantie om op Sabbat naar de gemeente te kunnen gaan. De duivel fluisterde voortdurend over zijn schouder om hem te ontmoedigen. Maar de Heilige Geest leidde hem van de ene Bijbeltekst naar de andere, om al zijn vragen te beantwoorden. Jesaja 48: 18 gaf uiteinde-lijk de doorslag:
“Och, dat gij naar mijn geboden luisterde; dan zou uw vrede zijn als een rivier en uw gerechtigheid als de golven der zee.”
De vrede met God had hij meer dan wat ook nodig. God zou op de één of andere manier voor zijn gezin zorgen. Hij kon gewoon niet van materiële welvaart genieten, wanneer hij willens en wetens ongehoor-zaam was aan Gods Woord. Hij bad en vastte, dat God zou ingrijpen. In deze tijd raakte hij bijna 15 kilo kwijt.
De evangelist leefde mee, en belde de hoofdinspecteur van de post op. Die organiseerde een districtsbij-eenkomst om over de zaak een beslissing te nemen. Toen de vergadering afgelopen was, werd Ron ge-vraagd voor het bestuur te verschijnen.
De voorzitter nodigde hem uit te gaan zitten. “Uit je staat van dienst blijkt, dat je altijd trouw je werk hebt gedaan.” Zo begon hij. “Maar zoals je weet, moet de post op zaterdag bezorgd worden. We kunnen voor postbodes geen uitzonderingen maken. We zullen iemand moeten vinden, die jou plaats inneemt. Het spijt me, maar dit is een baan, die je niet kunt houden, als je beslist de Sabbat wilt vieren.”
“Ik begrijp het”, zei Ron. Hij hield zijn hoofd omhoog en ademde diep. Dus het was zover gekomen. Wat nu?
De voorzitter schraapte zijn keel en glimlachte: “In het westen van de staat is een klein postkantoor, dat een beheerder nodig heeft. U weet, dat die niet op zaterdag hoeven werken. We zouden vereerd zijn, als u die baan zou willen aannemen.”
Naschrift: Ron werkt nog steeds als kantoorbeheerder voor de U.S. Postal Service.
Crystal Earnhardt: “Trials and Triumphs” – Miraculous Stories of Sabbath Victories (Beproeving en Overwinning – Wonderlijke Verhalen van Overwinningen van de Sabbat), Roseville CA, Amazing Facts 1999.







